De Verspillingsvrije Week 2026
Van 7 tot en met 13 september is het de Verspillingsvrije Week. Een week waarin extra aandacht is voor het voorkomen van voedselverspilling. Het thema van dit jaar is: flexibel zijn in de keuken. Want soms loopt het anders dan verwacht: er zijn minder eters, een bewoner is onverwacht afwezig of een maaltijd wordt toch niet gegeten. Juist dan kunnen kleine aanpassingen helpen om verspilling te voorkomen.
Waarom is dit juist in de zorg belangrijk?
In de zorg draait eten om veel meer dan alleen een maaltijd. Een goede maaltijd draagt bij aan het welzijn van bewoners en is een belangrijk moment van de dag. Tegelijkertijd is het niet altijd eenvoudig om vooraf precies te bepalen hoeveel maaltijden nodig zijn. Het aantal mee-eters kan veranderen en iedere bewoner heeft eigen wensen, eetlust en behoeften. Door bewust te bestellen, goed te plannen en flexibel om te gaan met veranderingen, kunnen we voedselverspilling verminderen én slimmer omgaan met beschikbare middelen.
Wist je dat?
Wereldwijd wordt ongeveer 1 op de 3 geproduceerde voedingsmiddelen niet opgegeten. In Nederland gaat het om ongeveer 1 op de 5, goed voor zo’n 1,6 miljard kilo voedsel per jaar. Ook in de zorg kunnen we hierin verschil maken. Dagelijks worden veel maaltijden besteld, bereid en geserveerd. Kleine keuzes kunnen daardoor samen een groot effect hebben. Want met ieder product dat niet wordt gegeten, gaan ook de grondstoffen, energie, water, arbeid en het transport verloren die nodig waren om het te produceren en op de juiste plek te krijgen. Daarnaast brengt verspilling onnodige kosten met zich mee. Minder verspillen betekent dus: minder milieubelasting, minder onnodige kosten én meer waarde halen uit goed eten.
8 tips om voedselverspilling in de zorg te voorkomen
1. Kijk eerst wat je al in huis hebt
Controleer voordat je bestelt eerst de voorraad. Misschien zijn er nog producten in de koelkast, vriezer of voorraadkast die binnenkort gebruikt moeten worden. Koop met wat je hebt liggen en voorkom dat producten over de datum raken.
2. Geef wijzigingen in het aantal bewoners op tijd door
Verandert het aantal bewoners of het aantal benodigde maaltijden? Geef dit dan zo snel mogelijk door. Zo sluit de bestelling beter aan op de actuele situatie.
3. Stem het aantal te regenereren maaltijden af op het aantal mee-eters
Kijk vooraf hoeveel bewoners daadwerkelijk mee-eten. Door alleen de benodigde maaltijden op te warmen, voorkom je dat bereide maaltijden onnodig overblijven.
4. Houd bij wat er wordt weggegooid
Wat overblijft, kan waardevolle informatie opleveren. Noteer bijvoorbeeld welke maaltijden regelmatig worden weggegooid en waarom. Zo kun je toekomstige bestellingen en maaltijdkeuzes beter afstemmen.
5. Betrek bewoners bij de maaltijdkeuze
Een maaltijd die aansluit bij de wensen van bewoners, heeft een grotere kans om helemaal te worden opgegeten. Vraag daarom regelmatig welke gerechten goed in de smaak vallen en welke minder populair zijn.
6. Deel ervaringen met collega's
Bespreek welke maaltijden goed lopen en welke vaker overblijven. Door ervaringen te delen, kun je samen steeds beter inspelen op de wensen van bewoners.
7. Kijk kritisch naar portiegroottes
Niet iedere bewoner heeft dezelfde eetlust of voedingsbehoefte. Kijk daarom waar mogelijk naar een passende portiegrootte. Zo voorkom je dat een te grote portie deels onaangeroerd in de afvalbak belandt.
8. Bestel bewust en wees flexibel
Het aantal eters is niet altijd vooraf precies te voorspellen. Probeer daarom niet structureel te ruim te bestellen en pas bestellingen waar nodig aan. Zo kun je verspilling beperken zonder dat je misgrijpt.
Van één week naar iedere dag
De Verspillingsvrije Week is een mooi moment om samen stil te staan bij hoe we in de zorg met eten omgaan. Voedselverspilling voorkomen begint niet pas bij wat er in de afvalbak belandt, maar al bij het bestellen, plannen en bereiden van de maaltijd. Iedere maaltijd die daadwerkelijk wordt gegeten in plaats van weggegooid, maakt verschil. Samen zorgen we ervoor dat goed eten terechtkomt waar het hoort: bij de bewoner aan tafel.